Drie Gebroeders

De eerste ten Bruggencate die naar Langedijk kwam was roodharig, had een bochel en hij verkocht  "lappies" zoals men dat hier noemde, hij leverde ook aan manufacturenzaken. Aan een van de eigenaressen is hij blijven hangen.

Deze roodharige Albertus (geb.3 okt 1832 in Almelo) kwam varend met zijn jaagschuit vanuit Twente, trouwde Trijntje Bosch geb. 23 nov.1823 (dus 9 jaar ouder)
Zij kregen 2 zoons waarvan weer een Albertus geboren 28 oktober 1862 (zie foto) in Almelo deze trouwde Maartje bak en kregen 6 kinderen Albertus (sluiswachter) Cor, Willem, Reinautje, Piet en Trien.
Ze staan bijna allemaal op de foto van de tjalk "Drie Gebroeders"

Trijntje was een bazige en zelfstandige vrouw,  had samen met haar vader een kleermakerij.
het huwelijk liep niet zo goed dus besloot Albert weer terug te gaan naar Almelo.
Kort daarop werd hij ziek, dus ging Trijntje erheen om voor hem te zorgen.
Op 17 juli 1866 stierf hij in Nijverdal.
Toen Trijntje weer terug ging met haar 2 zoons Albert en Pieter zat zij zonder inkomsten en vroeg steun aan bij de kerk.
We hebben een document waar instaat dat ze die niet kreeg omdat ze volgens hen (de kerk) niet meer stond ingeschreven.
De ten Bruggencates uit Almelo staan beschreven in het boek "varen waar geen water is " van drs. G J Schutten.

Handel in olie en scheepsbenodigdheden aan de Prins Hendrikkade